PRAGMATISCH ANARCHISME

home

 

HET FAILLIET VAN HET REVOLUTIONAIRE DENKEN.

"Leve de Revolutie !" Waaraan denken mensen bij het roepen van deze slogan ? Zijn het de overmoedige woorden van jonge snaken voor wie het nooit vlug genoeg gaat of is het eerder een weerspiegeling van een romantisch snakken naar betere tijden ? Of meent men echt wat men zegt...?

Nochtans is in onze tijd vanuit anarchistisch oogpunt een 'liquidation totale' niet ter zake. Vroeger - in de negentiende eeuw - was het nog enigzins begrijpelijk dat men dacht aan een spoedige omwenteling. De meerderheid van de bevolking leefde toen in sociale wantoestanden en er waren in die dagen geen onmiddellijke perspectieven op beterschap. Vandaag echter, is er haast geen mens die nog op die 'andere maatschappij' zit te wachten. Niet dat men het zo goed heeft, maar de overgrote meerderheid van de 'Westerse' bevolking verrukt zich maar al te graag aan die grootse consumptiedroom en de rest van de wereld kan haar daarbij klaarblijkelijk gestolen worden. Wij weten het, het klinkt wat karikaturaal, maar men moet toch beseffen dat men op dit ogenblik in deze samenleving als anarchist vrij alleen staat. Praten over revolutie heeft daarom geen zin. Volgens de anarchistische principes horen veranderingen immers van onder naar boven te gebeuren. Zij veronderstellen een brede basis van bewuste, rationele mensen met een diep ethisch besef dat essentiëel geschraagd is op de waarden 'gelijkheid, vrijheid en solidariteit'. Zolang zulke mensen niet in groten getale voorkomen en niet de grote meerderheid van een bevolking uitmaken, is het absurd te denken in termen van revoluties zonder te vervallen in een autoritair voorhoededenken, wat juist vanuit anarchistisch oogpunt ongewenst is.

Wij staan met andere woorden niet aan de vooravond van een anarchistische 'fluwelen revolutie'. Men kan wel hopen op een verdere bewustwording en mentaliteitsverandering van grote groepen mensen en op termijn zelfs op het afsterven van het 'oude regime', maar deze langzame 'verruiming der geesten' kan je bezwaarlijk met de term revolutie omschrijven. Het woord 'evolutie' is hier meer op zijn plaats : een haast eeuw(en)(ig)durende ontwikkeling van de mensheid in de richting van méér gelijkheid, méér vrijheid en méér solidariteit. Dat is geen 'wetenschappelijk socialisme' - een contradictio in terminis - maar pure moraalfilosofische overtuiging.

 

HET PRAGMATISCH ANARCHISME.

Dit gezegd zijnde, rest er voor ons libertairen heel wat anders dan zich op te sluiten in sectaire clubjes waar men intens het grote revolutionaire gelijk koestert. De belangrijkste taak van de individuele anarchist ligt in het anarchiserend bezig zijn in de eigen leefwereld, waarover straks meer.

Eerst willen we een en ander kwijt over de anarchistische 'beweging'. Het hoeft geen betoog dat zij ook vanuit een pragmatische opstelling van belang is. Uit haar bestaan haalt het anarchisme immers grotendeels haar identiteit en indien zo een beweging enige omvang heeft kan zij een radicale zweepfunctie uitoefenen ten aanzien van de maatschappelijke ontwikkelingen. Wij denken echter niet aan een hecht regionaal overleg. Gezien de ideologische verscheidenheid van de anarchistische groepen en personen en het ontbreken van vooral financiële middelen zou de oprichting van een dergelijke 'nationale' structuur snel een doodgeboren kind blijken. Wij zijn daarom voorstander van het naast en met elkaar bestaan van verschillende lokale groepen en comités, iets wat op dit ogenblik eigenlijk al het geval is. Een viertal soorten zijn hier te onderscheiden.

Ten eerste de libertair geïnspireerde actiegroepen. Zij bestaan meestal tijdelijk, leggen zich hoofdzakelijk toe op maatschappelijke (deel)problemen en hebben daardoor een mobiliserend karakter. Als de afgelopen tien jaar daar waren : het militarisme (vb. totaalweigeraars), de ecologische teloorgang (vb. anti-bont, anti-kernenergie, vegetarisme, ...), discriminatie (vb. anti-apartheid, feminisme, ...), onvrijheid (vb. tegen repressie in gevangenissen, anti-parlementarisme, ...), ongelijkheid (vb. werklozenacties, ...)...

Tot de tweede organisatievorm behoren de studie- en propagandagroepen. Zij houden zich meer met anarchistische theorievorming bezig en/of organiseren geregeld vormingsdagen en -cycli ter verspreiding van het ideeëngoed. Ook de boekverspreidingscentra kan je tot deze groep rekenen. (...) In het verleden was het onderscheid met de actiegroepen niet altijd even duidelijk - daar was trouwens vaak discussie over - maar de klemtonen lagen er. Belangrijk in dit kader is het bestaan van zulke verenigingen in de Vlaamse universiteitssteden. Het kan niet genoeg beklemtoond worden dat het anarchisme, dat - hoe je 't ook bekijkt - steeds een zeker intellectualisme inhoudt, in de academische milieus een gunstige voedingsbodem vindt. Dit is extra interessant als je weet dat sociologisch bekeken hier een bevolkingslaag wordt gevormd die in maatschappelijke veranderingsprocessen steeds een speerpuntfunctie vervult.
Nogmaals, wij denken hier niet aan de rekrutering van een linkse voorhoede in de traditionele 'autoritaire' betekenis van het woord. Wij hebben hier eerder een anti-autoritair voorhoededenken, zoals je dat ook terugvindt bij Bakoenin, in het achterhoofd.

Voor de derde kategorie van anarchistische initiatieven hebben wij geen eensluidende naam, maar wij denken hier aan coöperatieven, communes, woongemeenschappen, schooltjes, ecologische buurttuinen, enz... Kortom clubs waar men het anarchisme vertaalt naar het concrete leven en waar het anarchisme daadwerkelijk 'beleefd' wordt. Bij ons weten moet het Vlaamse land deze projecten spijtig genoeg ontberen. Hun maatschappelijk belang - als voorbeeld dat het ook anders kan - mag echter niet worden onderschat en zij zouden een enorme bijdrage aan de relativering en uitdieping van het ideeëngoed kunnen leveren door de dagelijkse toetsing van theorie en praktijk.

Tenslotte heb je de libertaire pers. Zij heeft vaak een nauwe band met de hogervermelde studiegroepen maar heeft toch een eigen betekenis. Als contactorgaan is het in feite de enige landelijke structuur, want via tijdschriften - hoe marginaal ze ook zijn - hebben anarchisten weet van elkaar en blijft men op de hoogte van actuele discussie- en actiethema's. Vanuit deze vaststelling kan men zich de vraag stellen aan welke eisen de libertaire pers moet voldoen, wil zij deze doelstelling optimaliseren. Voor ons heeft Vlaanderen minimaal één theoretisch tijdschrift en één populair blad nodig. En dat ligt - ondanks de publicatie van De Nar - wat moeilijk. Niet dat de redactie van dit blad geen pluim verdient - je zou voor minder - maar een ruim verspreid populair blad gaat onmiskenbaar meer energie en vooral meer geld vergen. Volgens ons is de creatie van een dergelijk tijdschrift één van de topprioriteiten van de anarchistische beweging van de komende jaren : fondsen moeten verzameld worden, redacties gesteund, exemplaren verspreid en verkocht. Men kan dit wishfull thinking noemen en wij zullen dat niet ontkennen, maar dat maakt het project niet minder urgent en belangrijk.
Trouwens, naast de traditionele bladen zijn er het laatste decennium ook een aantal Websites bijgekomen. De bekendste is de portaalsite 'anarchie.be' en het zou leuk zijn als er ook een digitale versie van De Nar op het internet te vinden is.

(...)

De anarchistische beweging is één zaak. Een ander punt zijn ongeorganiseerde, losstaande individuen die ondanks alles het anarchisme een warm hart toedragen. Wie onder ons kent niet iemand die vroeger actief was in actiegroepen, openlijk voor zijn ideeën uitkwam, maar het met de jaren is afgebold. Hij/zij werd wat ouder, kreeg andere bezigheden en verantwoordelijkheden en voelde zich niet meer thuis in het chaotisme van dat wat zich 'beweging' noemde. Het actieve leven als anarchist zag hij/zij in ieder geval niet meer zitten.
Aanvankelijk vond hij/zij de libertaire maatschappijkritieken nog even fundamenteel als weleer, maar er waren de persoonlijke tegenstellingen, de sectaire muggenzifterij, de cultfiguren en vooral ... wat had het allemaal voor zin, er veranderde zo weinig. De vervreemding die onze vriend(in) meemaakte werd nog versneld door de houding van de 'orthodoxen' die natuurlijk wat langer in de beweging bleven. Het werd niet openlijk gezegd, maar verwijten van verburgerlijking, enz... waren niet van de lucht. Er hoeft trouwens geen tekeningetje van gemaakt dat hier de tegenstelling revolutie - pragmatisme onderhuids aanwezig was. Iemand die zich niet meer in de besloten plaatselijke groepen engageert, gaat zowiezo van op een 'relativerende' afstand naar de 'beweging' kijken en wordt haast automatisch pragmatisch anarchist of ... haakt volledig af. Intellectuele eenzaamheid is immers moeilijk te torsen en - alleen al uit zelfbehoud - richt men de ogen naar andere horizonten. De ideologische aftakeling volgt dan wonderbaarlijk snel, want wordt als bevrijdend ervaren.

Wij zijn geen psychologen, maar toch denken wij niet dat we sterk overdrijven als we stellen dat het verhaal van onze fictieve vriend(in) min of meer toepasbaar is op het merendeel van de actieve anarchisten van de voorbije dertig-veertig jaar. Waar zijn zij gebleven ?! Zijn zij het anarchisme volledig vergeten ?
Wij hopen van niet. Er is altijd meer grijs dan wit en zwart. Deze volkswijsheid staaft ons vermoeden dat velen met gemengde gevoelens, maar zonder spijt, terugblikken op hun actieve anarchistische jaren. In hun diepste zijn zij overtuigd gebleven van de weldaden der anarchie en in de eigen kleine leefwereld probeert ieder er van te maken wat er van te maken valt. Geen grootse heldendaden meer, maar het zachte anarchisme van elke dag. In een plaatselijk vredescomité of jongerenvereniging, tegen racisme of de verloedering van het milieu, in de vakbond of zelfs een politieke partij. Of gewoon in het samenleven met mensen. De anarchistische mens- en wereldvisie kan overal inspirerend werken.
Het is deze vaststelling die ons deed nadenken over de manier waarop mensen die met het anarchisme sympathiseren, in nauwer contact kunnen komen met de (pragmatische) anarchistische beweging zonder zich openlijk te engageren. Hoe deze mensen steun kunnen vinden in hun zoeken naar antwoorden op de grote levensvragen en maatschappelijke problemen en zich daarbij thuis kunnen voelen in een - zij het vage - anarchistische traditie. (...)

 

GEEN REDEN TOT PESSIMISME !

We moeten echter niet te hard van stapel lopen. Iedereen kent het marginale karakter van de anarchistische beweging. Deels valt dit te verklaren door het ontbreken van enige anarchistische traditie in onze regionen en verder door de taboesfeer ten aanzien van het anarchisme op zich. Nog steeds wordt het geassocieerd met chaos en geweld. Bepaalde culttoestanden en vooral een te sectaire revolutionaire opstelling van sommige groepen en personen hebben in de afgelopen decennia deze vooroordelen ruimschoots bevestigd, met het betreurde isolement als gevolg.

Toch is dit voor ons geen reden tot pessimisme. Laat ons eerlijk zijn, de naoorlogse libertaire beweging heeft nooit veel voorgesteld en kan moeilijk nog achteruit boeren. Deze opmerking is geen cynisch doekje voor het bloeden !
Want het anarchisme heeft zich historisch weinig gecompromiteerd en haar ideeëngoed heeft niets aan actualiteitswaarde verloren. Nog steeds biedt zij het opmerkelijke, ondogmatische, filosofische kader van waaruit progressieve analyses van de samenleving tot de meest fundamentele kritieken komen en van waaruit 'de autonome mens' de inspiratie put om van dit leven te genieten. In die zin blijft het anarchisme een intellectuele aantrekkingskracht uitoefenen op een bepaalde groep mensen. Die groep mag dan op het eerste zicht klein lijken, ergens leeft in ieder mens toch iets intuïtief anarchistisch.

Wij hebben bovendien de tijd mee. De oude maatschappij schreeuwt om verandering. Om allerlei redenen..., maar het meest fundamenteel wegens haar onmacht om de ecologische problematiek in het bestaande systeem te integreren. Het veilig stellen van de ecologische leefbaarheid van 'onze' planeet vergt een zodanige ingreep in de economische en politieke structuren, dat deze onvermijdelijk met zichzelf in botsing zullen komen. Om het anders te zeggen : de parlementaire democratie zoals wij die nu kennen is als beslissingsvorm te weinig democratisch om de noodzakelijke economische veranderingen tijdig te kunnen afdwingen. Anderen zullen stellen dat de mensheid juist een sterke hand nodig heeft om deze problemen het hoofd te bieden. Maar wie zal hen nog geloven ? De onmenselijkheid van het vroegere fascisme en van het - tot voor kort - 'reëel bestaande socialisme' heeft de kritische westerse mens uiteindelijk bewust gemaakt van de uitzichtloosheid van zowel linkse als rechtse autoritaire regimes. Voor hem/haar rest enkel het anarchiserende pad dat leidt naar méér democratie. (...) Er rest gewoonweg geen ander alternatief.

Het anarchisme heeft trouwens veel aanknopingspunten met de hedendaagse 'westerse' mens. Haar individualisme en solidariteitsdenken, haar liefde voor de vrijheid en haar gelijkheidsstreven beantwoorden aan de morele aspiraties van de progressieve jonge generatie. Zij is de hoopgevende keerzijde van de liberale medaille en alleszins intellectueel interessanter dan het zich overgeven aan een egoïstische pulpkultuur die het moet heben van een afstompende arbeidsmoraal en een onverzadigbare consumptiedrift.
Neen, geef ons maar de libertaire utopie !

Roger JACOBS & Herre SNEYERS, Pleidooi voor een pragmatisch anarchisme. - Perspectief, juli-september 1990, p. 27-33 (geactualiseerde tekst, 2008).

Zie ook : Francis FAES, Pragmatisch anarchisme. - Perspectief, 1993, 30/31, p. 39-42; Roger JACOBS, Fundamentalistisch en pragmatisch anarchisme. Pleidooi voor een vreedzame koëxistentie. - Perspectief, 1993, 30/31, p. 59-66.

 

In december 2008 verscheen er een speciaal nummer van het Franse/Parijse blad Alternative libertaire (www.alternativelibspip.php?rubrique23spip.php?rubrique23ertaire.org) met daarbij een Manifeste pour une Alternative Libertaire. Samengevat (en met wat toevoegingen/nuanceringen) komt het neer op het hier volgende 10-punten-programma :

 

1. Ecologische strijd.

2. Vrouwenstrijd.

3. Libertaire cultuurbeleving & bestrijding van de consumptiecultuur.

4. De stimulering van libertaire woon- en leefvormen, zoals woonkolonies, communes, ...

5. Het promoten van zelfbeheer.

6. Sociale strijd vanuit een strijdsyndicalistisch anti-kapitalisme.

7. De parlementaire democratie verdiepen tot een basisdemocratie.

8. Strijd leveren tegen de autoritaire staat en tegen vormen van staatssocialisme en fascisme.

9. Internationale solidariteit & anti-imperialisme.

10. Het uiteindelijke doel blijft een anarcho-communistische samenleving.