Paul AVRICH
(Brooklyn, 4 augustus 1931 - New-York, 16 februari 2006)

Paul AVRICH, ca 1980
(ca. 1980)

Paul Avrich stamde uit een Joodse familie die afkomstig was uit Odessa (Oekraïne). Zijn vader, de kleermaker Murray Avrich, en zijn moeder, de actrice Rose Zapol, woonden in de Verenigde Staten van Amerika. In de jaren vijftig en zestig studeerde hun zoon aan de Cornell University en de Columbia University. En in 1961 kon hij een tijd geschiedenis gaan studeren in de USSR. Hij werkte er ondermeer aan zijn eindverhandeling : "The Russian Revolution and the factory committees". Verder verdiepte hij zich in de Kronstadtopstand en de Machnobeweging in Oekraïne.
Van 1961 tot 1999 was hij betrokken bij het Queens College (Universiteit van New York) en hij bracht het mettertijd tot professor. Hij specialiseerde zich in de geschiedenis van Rusland en schreef een tiental boeken, ook en vooral over het anarchisme. Tegelijkertijd werd hij een vertrouweling van verscheidene figuren uit de anarchistische beweging. Volgens zijn vrouw, Ina, had hij een grote sympathie voor hen.
Maar hij was een wetenschapper, een historicus : "Avrich’s work reflected his skills as a linguist, the absolute importance he placed on primary sources and his perseverance in finding them, an ability to sustain long, and sometimes fruitless periods of research, and a writing style that enabled him to encapsulate his findings in a readable and engaging manner. Central to all of this was a consistent and rigorous insistence on accuracy. He went further, looked deeper and reflected more pertinently than others. He allowed anarchist voices, missing from history, to speak for themselves, with a minimal of authorial judgment or intervention; much of what we know about the history of anarchism in America is due to the work of this one man."
Zoals gezegd legde hij zich vooral toe op de minder bekende geschiedenis van het anarchisme in Rusland. Met zijn eindverhandeling "The Russian Revolution and the Factory Committees" (1961), zijn eerste boek, "The Russian Anarchists" (1967) en vooral zijn "Kronstadt 1921" (1970) vernietigde hij de bolsjevistische mythe dat Kronstadt een contra-revolutionair centrum zou geweest zijn. Avrich toonde aan dat de opstandelingen van Kronstadt en bijvoorbeeld ook de oekraïnse machnovisten reageerden tegen het centralisme en tegen de contra-revolutionaire excessen van de autoritaire bolsjevisten. "Russian Rebels 1600-1800" (1972) groef verder in de revolutionaire wortels van het land en met het baanbrekende "Anarchists in the Russian Revolution" (1973) sloot hij een eerste fase in zijn onderzoekswerk af.
De rest van zijn leven legde hij zich toe op de studie van het anarchisme in Amerika. Want "Anarchism, as a result, has seemed a movement apart, unreal and quixotic, divorced from American history and irrelevant to American life.Avrich focuste daarbij niet zozeer op de anarchistische beweging als wel op de individuele militanten. Zo verscheen in 1978 "An American Anarchist: The Life of Voltairine De Cleyre." Het was een briljante inleiding op het levensverhaal van deze complexe, wat angstige vrouw. En twee jaar later liep een van zijn belangrijkste werken, "The Modern School", van de persen. Klaarhelder toonde Avrich aan dat het Amerikaanse anarchisme meer was dan de levensverhalen van die enkele bekende personen als
Benjamin Tucker, Emma Goldman, en Alexander Berkman. In "The Modern School" (die zich liet inspireren door de pedagogische ideeën van de anarchist Francisco Ferrer) werden 'vele' voorheen onbekende mensen ten tonele gevoerd die evenzeer een bepalende rol hadden gespeeld in het onstaan en de ontwikkeling van het anarchisme in Amerika. En in 1984 verscheen "The Haymarket Tragedy" dat, opgedragen aan Joseph Labadie, een onvergetelijk beeld schetste van de eind-negentiende eeuwse, anarchistische praktijk en cultuur en van de anarchistische klassenstrijd.

Paul  AVRICH, The Haymarket Tragedy,1984 vvvvvv

Verder verschenen "Anarchist Portraits" (1988), "Sacco and Vanzetti: The Italian Anarchist Background" (1991) en "Anarchist Voices: An Oral History of Anarchism In America" (1996). In dit laatste werk noteerde Avrich een 200-tal interviews die hij had afgenomen van twintigste eeuwse anarchisten en ze laten ons zien dat de geschiedenis van het anarchisme meer is dan wat terug te vinden is in de bewaarde pamfletten, papers en boeken en ook meer is dan de biografieën van de grote namen.

Met zijn vrouw had hij twee dochters, Jane en Karen.

"There is still much to learn and tease out about the history of anarchism. Much spade work and slog still need to be done to discover anarchist history. We can, though, learn from Avrich’s refusal to condescend to the people that made up his histories. He did not have a clever theory and try to prove it, a methodology that treats its subjects like chess pieces rather than people. Instead he preferred to let the facts and events guide him to any conclusions he might make. He did not judge and he did not try to explain actions that took place a hundred years ago with the reasoning of today. For him the discovery and telling of the story was the most important thing and how well we and his subjects benefited from that approach."

BIBLIOGRAFIE :
Paul AVRICH, The Russian anarchists, Princeton (Princeton University Press), 1967.
Paul AVRICH, Kronstadt, 1921, Princetown (Princetown University Press), 1970.
Paul AVRICH, Russian Rebels, 1600-1800, New York (Schocken Books), 1972.
Paul AVRICH, The Anarchists in the Russian Revolution, New York, (Cornell University Press), 1973.
Paul AVRICH, An American Anarchist: The Life of Voltairine de Cleyre, Princeton (Princeton University Press), 1978
.
Paul AVRICH, The Modern School Movement: Anarchism and Education in the United States, Princeton (Princeton University Press), 1980.
Paul AVRICH, The Haymarket Tragedy, Princeton (Princeton University Press), 1984;
ID., Anarchist Portraits, Princeton (Princeton University Press), 1988.
Paul AVRICH, Sacco and Vanzetti, The Anarchist Background, Princeton (Princeton University Press), 1991.
Paul AVRICH, Anarchist Voices: An Oral History of Anarchism in America, Princeton (Princeton University Press), 1995.

home

biografieën